Batterij-eigenschappen
Deze pagina beschrijft de meetbare eigenschappen van een thuisbatterij zelf: hoeveel energie er in past, met welk vermogen geladen en ontladen kan worden, hoeveel verlies daarbij optreedt, en hoe lang de batterij meegaat. Voor de onderdelen die binnen het kastje samenwerken kun je terecht op Onderdelen, en voor de manier waarop het systeem in je huis past, zie Systeemontwerp.
Capaciteit en vermogen
Twee onafhankelijke kenmerken die vaak verward worden:
- Capaciteit (kWh): hoeveel energie de batterij kan opslaan. Bepalend voor hoe lang je vraag kunt dekken.
- Vermogen (kW): hoeveel tegelijk in of uit kan. Bepalend voor of de batterij pieken kan opvangen (EV-laden, inductiekookplaat + warmtepomp).
Een 10 kWh-batterij met 3 kW vermogen kan een EV niet snel laden, maar wel een avond/nacht huishoudelijke last opvangen. Een 5 kWh-batterij met 7 kW vermogen kan wel pieken afvlakken, maar is sneller leeg.
C-waarde: vermogen versus capaciteit
De verhouding tussen vermogen en capaciteit heet de C-waarde (in Engelstalige datasheets C-rate): het continue laad- of ontlaadvermogen gedeeld door de capaciteit, uitgedrukt als veelvoud van die capaciteit per uur. Een 10 kWh-batterij die continu 5 kW levert werkt op 0,5C en is in twee uur leeg; bij 1C (10 kW) duurt dat een uur en bij 2C (20 kW) een half uur.
Voor kant-en-klare thuisbatterijen kiest de fabrikant die verhouding voor je — je leest hem af aan de twee opgaven op het datasheet. Bij zelfbouw is de C-waarde leidend voor de combinatie van cellen en omvormer: LFP-prismatische cellen worden door de fabrikant meestal opgegeven met een continue C-waarde van 0,5–1C en een hogere piek-C-waarde voor korte stroompulsen. Een omvormer die meer vermogen kan leveren dan die continue C-waarde wordt nooit volledig benut zonder de cellen te overbelasten — daarom worden cellen en omvormer op elkaar afgestemd in plaats van los gekozen. Hoe die afstemming in een Victron-systeem uitpakt: zie Zelfbouw.
Rendement (round-trip)
Bij elke laad-/ontlaadcyclus gaat een deel van de energie verloren. Hier zijn twee getallen die niet door elkaar gehaald moeten worden:
- DC-rendement (cel-niveau): 92–98%. Dit is het getal dat fabrikanten meestal in datasheets noemen — bijv. Tesla Powerwall 3 met 97,5% en BYD Battery-Box rond 96%.
- AC-rendement (systeem, "stopcontact tot stopcontact"): 85–92% in de praktijk. Hier zitten omvormerverliezen bij in (DC→AC én AC→DC), plus sluipverbruik van de elektronica.
Voor je financiële afweging is het AC-getal het eerlijkst: reken op 10–15% verlies per opgeslagen kWh. Zelfontlading bij stilstand is bij LFP gering (enkele procenten per maand), maar het sluipverbruik van omvormer en BMS — typisch 10–40 W continu — kan over een jaar wel oplopen.
Levensduur en garantie
- Cycli: LFP-cellen halen typisch 6.000–10.000 cycli tot 70–80% restcapaciteit.
- Kalendair: daarnaast veroudert een batterij ook stilstaand — reken op 10–15 jaar bruikbare levensduur.
- Garantie: fabrikanten geven vaak 10 jaar garantie op een minimum restcapaciteit (vaak 70–80%).
Celchemie
Bijna alle moderne thuisbatterijen gebruiken lithium-ion technologie. Binnen die familie zijn er twee dominante opties:
| Chemie | Voordelen | Nadelen |
|---|---|---|
| LFP (LiFePO₄) | Veiliger, lange cyclusduur (6.000+), geen kobalt | Iets lagere energiedichtheid, minder presteren bij vorst |
| NMC (Li-NiMnCo) | Hoge energiedichtheid, compact | Kortere cyclusduur, kobalt-afhankelijk, meer warmtegevoelig |
Voor stationaire opslag in huis is LFP inmiddels de standaard: gewicht en formaat spelen minder een rol dan in een EV, en de extra cycli en veiligheid wegen zwaar. Naast Li-ion zijn er bijvoorbeeld ook zoutwater- en "solid-state"-batterijen; die laten we hier buiten beschouwing omdat deze nog niet zo gangbaar zijn.
Verder lezen: Onderdelen (BMS, omvormer, EMS) · Systeemontwerp (koppeling, fasen, veiligheid) · Aansturing · Begrippenlijst.